Nieuws

Wrede tijden, maar BBZ knokt voor achterban

Een interview met een bestuurder en een directeur, over de toekomst van de chartervaart. De Vereniging voor beroepschartervaart BBZ geeft een toelichting op de stand van zaken. De overheid beloofde vijftien miljoen, naar eigen zeggen aan 'de bruine vloot'. De vraag is nu: wie kan er aanspraak op maken? En wanneer? Want de nood is hoog.

Door Gijs van Hesteren

Paul van Ommen. “Rare, wrede tijden.” (Foto’s: Gijs van Hesteren)

De coronaveilige videoverbinding met de Harlinger Courant komt tot stand, kort voordat BBZ-bestuurslid Tsjerk Hesling Hoekstra vertrekt naar de ‘Swan fan Makkum’. Als gezagvoerder van de driemaster gaat hij in Porto een groep jongeren aan boord nemen. ‘Van Scheveningen naar Porto, daar de kids aan boord, en dan Tenerife en Sint Maarten.’ Ook directeur Paul van Ommen meldt zich bij het online-interview.
“Dit zijn rare, wrede tijden. Het valt niet mee om de bakens te verzetten”, zegt Van Ommen aan het begin van het gesprek. Hoekstra vult aan: “Het varen en de passie voor het varen, dat is uiteindelijk het grote doel. Dat realiseerde ik me heel goed, de paar keren dat het dit jaar lukte om toch het water op te gaan.”

VVD-vragen

De Vereniging voor Beroepschartervaart BBZ zet zich sinds het begin van de corona-pandemie nog harder dan anders in voor haar achterban. Die wordt onevenredig hard getroffen door de crisis. De regel van anderhalve meter is op een zeilschip van een eeuw oud nu eenmaal nauwelijks te handhaven. Omzetten liepen vaak terug tot nul, banken zijn steeds minder bereid om rente en aflossingen op te schorten en veel bedrijven komen in de knel. De miljoenentoezegging van de overheid kwam daarom als geroepen. Maar liever vandaag dan morgen.

Daarom stelden leden van de Tweede Kamerfractie van de VVD vragen aan minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat), staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken) en minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap). Konden zij vóór 1 december knopen doorhakken over de verdeling van de toegezegde fondsen? Paul van Ommen: “We hadden nog niet eens meegekregen dat deze kamerleden vragen hadden gesteld. Nee, we hebben er dus geen invloed op gehad. We zijn het er wel mee eens, maar het is een complexe zaak. Daarom kan het nog wel iets langer gaan duren.”

Tijdspad

Ineens zijn er drie ministeries betrokken bij de steunverlening. Hoe komt dat? Van Ommen: “Het is logisch dat Infrastructuur en Waterstaat en Economische Zaken hierbij betrokken zijn. Het eerste ministerie gaat over de technische eisen en het geld komt uit het budget van EZ. Onderwijs, Cultuur en Wetenschap schoof aan, want het gaat over toerisme, gastvrijheid en cultureel erfgoed.”

De overheid probeert er samen met de bedrijfstak uit te komen. “Vóór de jaarwisseling hopen de ministeries de regeling opgetuigd te hebben”, zegt Van Ommen. “Wij zouden dat ook wel sneller willen zien, maar er bestaat een spanningsveld tussen ‘makkelijk’ en ‘snel’. Wij kunnen in redelijke mate meebepalen wie aanspraak kan gaan maken op de steun, maar het inrichten van het instrumentarium is toch echt aan de overheid. De problematiek omvat drie onderdelen. Ten eerste: wat valt er onder de term ‘bruine vloot’? Twee: welk instrument gaan we gebruiken, hoe krijgen we het geld bij de juiste mensen? Dat is typisch een vraag die de ministeries moeten beantwoorden. Tot slot: welke verdeelsleutel hanteren we? Doen we dit op basis van lengte, aantal passagiers, omzet? In elk geval vindt de BBZ dat de steun ook open moet staan voor zeevaart en motorpassagiersvaart. Daar hebben we vanaf het begin geen misverstand over laten bestaan.”

 Vragenrondes

Hoe zou de groep er uit gaan zien? Hiervoor belegde de BBZ meerdere vragenrondes onder leden en niet-leden. Bij de bekendmaking van de regeling sprak de overheid over ‘bruine vloot’. De indruk ontstond dat het alleen ging om zeilende binnenvaart.

In overleg met de ministeries zijn de drie organisaties HISWA, FVEN en BBZ in gesprek over deze kwestie. In grote lijnen staat de BBZ voor de volgende criteria: een scheepsromp van minimaal 50 jaar oud, of een replica; een omzet van minimaal 40 duizend euro per jaar; SBI-code 5030 of 5010; een veiligheidscertificaat, eventueel gecombineerd met een tuigagecertificaat. Voor de naar schatting twintig schepen met een afwijkende SBI-code of maximaal 12 passagiers wordt gezocht naar een passende invalshoek. “We proberen eerst de regeling voor de grootste groep schepen af te ronden. Daarna zullen we in samenwerking met de overheid finetunen”, zegt Van Ommen.

Overlegstructuur

Vanaf begin april onderhield de BBZ contact met de overheid. Daarnaast meldden zich meerdere belanghebbenden, waaronder ook boekingskantoren. Hoekstra: “Wat scheepswerven, mastenmakers en de kantoren betreft: we kwamen overeen dat de vijftien miljoen euro bij de scheepseigenaren terecht hoorden te komen. Als het met hen beter gaat, zullen indirect de toeleveranciers daar ook van meeprofiteren.”

Lachend: “Al vernamen we deze week dat boekingskantoor Holland Sail van plan is twee zwaarden en een mast aan de gevel te monteren en dat de Enkhuizer Zeevaartschool al jaren een schip in de tuin heeft staan.”

Van Ommen: “De overlegclub is nu beperkt tot de HISWA en het FENV. Deze vertegenwoordigen de overige groepen. Het is een gegeven dat ze erbij zijn. Uiteindelijk is het de overheid die vaststelt wie er om de tafel zitten. Onze insteek blijft: de steun moet betrekking hebben op het wegvallen van inkomsten uit de chartervaart. De gesprekken verlopen hartstikke goed. We proberen er samen uit te komen.” 

Voor Pampus

De groep ‘Hollandsche Zeilvloot’ nam in juni het initiatief voor de manifestatie ‘Voor Pampus’, waarbij honderden zeilschepen landelijk en zelfs wereldwijd veel aandacht genereerden. 

Hoekstra: “Het was een hele goeie. Een publieksgerichte aanvulling op de BBZ-lobby. Het zou kunnen dat de manifestatie de doorslag gaf voor de steunregeling.”

Was er sprake van coördinatie tussen de BBZ en de actievoerders? ‘Eigenlijk niet”, zegt Van Ommen. “Die groep heeft zich niet op ons gericht toen ze de manifestatie opzetten. Contacten hebben we wel met de mensen die daarachter zaten - individuele schippers, die óók lid zijn van de BBZ. De Hollandsche Zeilvloot is op zichzelf geen vereniging en de actie kwam tot stand zonder inbreng van onze kant. Maar we waren er zeker blij mee!”

Ledenraadpleging

Van Ommen: “Een ledenraadpleging vóór de bekendmaking van de definitieve regeling zit niet in de planning. In elk geval niet in de vorm van een ledenvergadering. We denken dat we het proces met veel openheid uitvoeren, we nodigen voortdurend iedereen uit om te reageren, we zijn te allen tijde benaderbaar en zien dat dit ook daadwerkelijk gebeurt. Ook gisteren hadden we weer enkele inbelsessies met scheepseigenaren. We krijgen veel steun van onze leden, fantastisch.”

Hoekstra: “Maar we werken voor de héle branche, niet alleen voor onze leden.” Van Ommen: “Op onze website hebben we alle corona-gerelateerde informatie op ‘open’ gezet, zodat ook niet-leden er kennis van kunnen nemen. Dit is een bijzondere situatie. Iedereen heeft steun nodig. We merken dat er veel nieuwe aanvragen voor lidmaatschap binnenkomen. Gelukkig maar: we bepalen het contributiebedrag op basis van de in het voorgaande jaar gemaakte omzet. Volgend jaar zal dat leiden tot veel lagere contributies.”

Toekomst

“Het pure overleven, dat is wat er nu aan de orde is. Intussen komt de toekomst eraan. Het jaar 2021 ziet er somber uit. We moeten nadenken over alternatieven, worst case scenario’s. Dit jaar al zagen we dat schippers meegingen met veranderingen in de markt. Deze zullen deels blijvend zijn. De marketing zal zich meer moeten richten op Nederland. Daar wordt hard aan gewerkt, door schippers, kantoren en in samenwerking met het NBTC.”

Hoekstra: “We moeten niet alleen maar blijven hangen in de slachtofferrol. We liggen nog niet helemaal uitgeteld op de vloer. Ik vind het positief, dat collega's nieuwe doelgroepen aanboren en dat ze nadenken: wat is eigenlijk mijn product, wie vormt mijn doelgroep? We gaan die creativiteit heel hard nodig hebben!”

“Als we konden varen dit jaar, deden we dat bewuster, met meer plezier”, zegt Tsjerk Hesling Hoekstra. (Foto’s: Gijs van Hesteren)

|Doorsturen

Uw reactie


Buienradar



Agenda