Nieuws

Harlinger humor: De scootmobielrace (deel 3)

Door Jeroen Pietersma
?t Is zaterdag, de dag van de wedstried. Om twee uur is de start op de Voorstraat. Maar eerst mut iedereen voorzien wudde van ?n rugnummer. Om kwart over een is ?t al ?n drukte van belang bij ?t stadhuus. Bode Ate Zijlstra het wat planken bij de stoep opleid, zodat iedereen met sien scootmobiel de hal in kan. Eigenlijk had Ate liever ?n snipperdag nomen. Hij had sien vrouwelijke collega?s Siertje Poeze en Ida Attema vraagt om te ruilen, maar die zagen de bui al hangen. ?Nee Ate seun, ik suu toevallig vanmiddag mien elektrische fiets skoonmake?, laat Siertje zonder blikken of blozen wete. Oek Ida is bezet. ?Ik mut zaterdag met mien man de boot uut Heerenveen ophale. Had ?t wat eerder seit, nou kan ik niks meer regele?, seit Ida glashard en met tranen in hur ogen. Maar dat kwam deur ?t scherpe snoepke wat su in hur mond had. Dit maakte op Ate wel indruk.

Om kwart over een staan de eersten al an de deur van’t stadhuus te bellen.Ate loert deur de brievenbus naar buuten en sietRikusSchoot  in sien scootmobiel voor de deur staan.“Half twee doen we de deur open”, schreeuwtAte.“Lazer op je, doen die deur even open, de sterfst hier van de koude”, seitRikus.En daar was gien woord van logen,’t was droog maar daar was oek alles met seit.’nGure oostelijke wind joeg over deNoorderhaven.“Kom d’r dan maar in ouwe seun”, enAte opent de deur.“Volgens mij vriest’t”, seitRikus, hij siet blauw van de koude.Dat gebeurt seumers oek wel, maar dan het die’n slukje op.Maar ja, nou de deur open was wuuden veul meer naar binnen.De meesten waren voorzichtig an’t maneuvreren, maar d’r waren oek’n paar bij die bij de stoep op rausden.JapiePloegstra knalde teugen de deurpost an.“Sien uut je mankeNelis”, schreeuwtAte.“De vernielst de bende.”AndriesHondema probeert bij de plank omhoog te kommen, wat halverwege niet lukt.Hij glied weer terug, net asBrunoScheffer d’r opriede sal.“De must vooruut je, niet achteruut”, schreeuwtBruno.As’t plankier weer vrij is,  komtTjeerdBorsch met volle vaart anrieden.MaarAge zijlstra is’m net even voor.’tIs wat vochtig op straat enTjeerd probeert te remmen.Hij had onlangs nieuwe remvoeringen montere laten, dus die waren wel goed.MaarTjeerd slipte twee meter deur teugen de wagen vanAge an.“Jezus man, wat doest nou”, roeptAge tiedens de klap die volgde.“Ik hef al pienehasses, nou kan ik weer twee paracetamols innimme.”Ate siet’t hoofdschuddend an.“Meesen doen nou rustig, jumme komme allemaal an beurt.”

De rugnummers binne op.“Wat nou”, roeptAte wanhopig teugenWiebe vanDijk die even polshoogte komt nimmen.“Hest niet wat witkalk”, vraagtWiebe.“Dan smeert su dat oppe bêlig.”In de kamer van de burgemeester stond nog’n halve emmer.Die hadden de schilders overhouden toen ze de muren in de hal voor de seveulste keer onderhanden nomen hadden.“Ik moet thuis nog een plafonnetje witten, dit is net genoeg”, liet de burgervader wete.“Nim maar met”, lieten de schilders wete.“Maar oek wethouderMaria leRoy aasde d’r op.“EigenlijkPaul, kan ik’t ook wel gebruiken”, liet ze weten.“Mijn huisje aan deWesterzeedijk kan wel een likje gebruiken.”“Dat is toch een huurhuis”, vroegScheffer.Dat wudde deurMaria bevestigd.“Dan moet je deBouwvereniging bellen.”Maar daar trapte de wethouder niet in.Ate kwam met de oplossing om’n lucifer te trekken.“Wie de langste trekt, mag de emmer met nimme”, en hij pakte twee zwavelstokjes.Een brak hij deurmidden.Geklemd tussen sien vingers mochtMaria eerst.“Dames gaan voor”, zeiScheffer.“Je moet ze niet zo stijf vasthouden”, lietMaria wete.Ate verslapte even en hup, daar was de lucifer.Helaas voorMaria’n halve, dus mochtScheffer de emmer witkalk met nimme.“Ik zet hem even onder mijn bureau”, zei hij teugenAte.Maar nood breekt wet enAte‘ontvreemde’de emmer witsel.

Met’n afwasbussel vanSorbo doopt hij’m in de kalk.“Wie”, roeptWiebe.SiebeBoomstra enJanAnema hadden gien rugnummer.“Ik wil liever gien kalk om mien huud”, laatSiebe wete.Om in onvervalstHarlingers te seggen:“Ik hef net’n knap pak kleren an mien bêlig.”“Wist met doen of niet”, vraagtWiebe.“Ja, eigenlijk wel”, was’t antwoord vanSiebe.“Dan must oek niet lulle”, enAte kalkt nummer 26 op sien rug.OekJanAnema ontkomt d’r niet an.“Magst’t oek op mien karre doen”, seitJan.Maar nee, dat was niet volgens de spelregels.

Eindelijk was iedereen voorzien.’tWas’n gekkeboel in de hal.Sommigen stonden zelfs in de gang en’n paar waren deurreden tot in’t kantoor van secretaresseWanda van derHoek.“Must dien toespraak maar gauw even houwe”, seitAte teugenWiebe.“Dan kan die bende oplazere.”Wiebe pakt’n stoel uut de kamer van de burgemeester en gaat met sien smerige pôten op de stoel staan.“Dames en heren”, roeptWiebe met zware stem.“D’r binne helemaal gien dames bij”, laatJapiePloegstra wete.“Hou dien vreet even je”, seitTjeerdBorsch.EnWiebe gaat verder met’t wedstriedregelement.“Er mag niet gebotst worden, tenzij het niet opzettelijk gebeurt.”“Waarom praat die nouNederlands”, wilAppieZeilmaker wete.“Dat doen raadsleden altied”, leitAndriesHondema’m uut.“Het parcours omvat deVoorstraat,KleineBredeplaats,Lanen,SimonStijlstraat enVoorstraat.Na dertig ronden is de eindstreep bij deRaadhuistoren.Ik wens jumme veul succes.”’nGejuich klinkt op en iedereen spoed’m naar buuten.As su allemaal weg binne doetAte met’n zucht van verlichting eindelijk de deur dicht.Wel waren d’r twee vazen aan diggelen en oek in de vitrine van’t ouwe zeilskip sit’n skeur.Op deVoorstraat is’t al’n drukte van belang en iedereen is dan oek in afwachting op wat d’r gebeuren gaat.

Wordt vervolgd

Yuppie 2011

|Doorsturen