Nieuws

ZO’N STUKJE van Marten Blom

Doe nou es even sociaal

Soms moet je even helemaal opnieuw beginnen. Soms tilt iets of iemand je net over dat punt heen. Dat punt waarop je jezelf betrapt. Want je hebt net twee volle minuten naar een hoek van de tafel aan zitten kijken die nu juist totaal geen aandacht nodig had. Of twee zinnetjes van een songtekst die zichzelf nonstop herhalen, ergens in je hoofd terwijl je de vaatwasser leegt, de plee schrobt of terwijl je aan het stofzuigen bent. ‘…and the hounds of hell coming after you…’, schiet me te binnen. Ik weet niet meer hoe die verder ging en wil het ook niet weten, want dan zit die ook gegarandeerd in mijn kop. Hoe dan ook, lang of kort, je moet van tijd tot tijd mensen spreken. Niet alleen om je er aan te herinneren tot welke soort je ook alweer behoort, maar vooral om even uit die idiote gedachtencirkels te komen (wat moet ik ook alweer niet vergeten vandaag - ...hounds of hell… - oh, ik hoor een bliepje op mijn telefoon - ...coming after y… - hmm, ja ik zou nog even reageren op die grap van iemand op Facebook, nee toch maar niet, ik moet de was nog ophangen, nog een koffie? Hee, zo te horen is er post - hoe ging dat liedje ook alweer verder - whoa, tien uur, nu eerst even mijn pillen innemen, wat ben ik aan het doen? Oh, nu eerst even naar de WC.)

Ik vind dat ik na het sporten moet ‘socializen’, sociaal gedrag moet vertonen en dus babbelen met anderen bij een kop koffie. Met gemengd resultaat. ‘Ik spreek bepaalde vrienden steeds minder’, zegt iemand. ‘En mijn voormalige collega’s zie ik nooit meer.’ Voordat ik kan reageren, zegt een ander: ‘Ja! Weet je wat dat is? Dan denken ze dat het besmettelijk is! Dat jij besmettelijk bent!’

‘Nou,’ denk ik, ‘volgens mij zie je bepaalde mensen steeds minder omdat vriendschappen voor een groot deel bestaan uit overeenstemmende eigenschappen en/of omstandigheden. Zoals dat je het aan het eind van de dag nog eens hebt over het gammele plafond boven de werkplaats/het kantoor of het zwembad waar je allebei werkt en dat elke dag weleens naar beneden moet komen. En dan hopelijk boven op dat vette varken van een, of dat magere oude kreng van een… wie het dan ook is die jullie baas, manager of badmeester is. Kijk, dat soort zaken scheppen een band. Niet dat de één over dit soort sappige dingen vertelt en dat de ander alleen maar een lange monoloog begint over zijn witte bloedlichaampjes, zijn of haar verbrijzelde knieschijf of de praktische problemen die aan het licht komen als je last hebt van tremoren.’

Maar, nogmaals, dat denk ik dan, ik zeg het niet, omdat ik a: te laat aan deze zin begin, en b: dat ook jij wel begrijpt dat zo’n enorm lange en bovendien ook nog complexe zin, wel gedoemd moet zijn om voortijdig te sneuvelen in het gebruikelijk staccato voortstotende Harlinger gespreksverkeer.

Maar de gesprekken kunnen ook heel anders verlopen. Dat iemand net zeventig is geworden en dat hij niet alleen zegt dat hij dat niet voelt, maar dat je ook aan zijn verbaasde kop kan zien dat hij het meent. En als je het mij vraagt, nee, ik vind hem ook niet zeventig. En wat wel frappant is, en dat heb ik wel vaker zo ervaren bij mijn klantenkring toen ik nog huisschilder voor zestig- tot honderd-plussers was, en zoals ik nu vaak tussen de veel oudere Parkies zit, op het moment dat je zelf even geen ‘u’ meer zegt en van iedereen zijn of haar voornaam probeert te onthouden, Kees, Frits en Annemarie, dan zit je ook niet meer als jonkie tussen de oude bokken. Je zit gewoon met mensen van alle soorten en maten te praten en ja, je ziet elkaar daar omdat je allemaal een defect of missend onderdeel hebt, dat is de gemene deler, maar net zo goed dat je op je werk nou ook niet altijd met collega’s over dat werk wilt lullen, zo kom je ook in dit soort groepen mensen tegen die niet altijd alleen maar over hun kwalen willen lullen. Sterker nog, zoiets is alleen maar de aanleiding en het is overigens ook echt niet verboden om af en toe eens flink je gal te spuwen, om maar eens een uitdrukking te gebruiken, maar ik vind het persoonlijk het leukst als iemand dat punt eventjes voorbij is en dat je dan eens hoort wat hem of haar écht beweegt. Of met andere woorden: wat er naast al die fysieke shit nog over is van het leven, wat er nog allemaal mag en kan. Want dat is veel, als ik dat zo beluister. Bij de koffie. Koekje erbij? 

 

|Doorsturen

Uw reactie