Nieuws

Schipper Amicitia vrijgesproken van dood door schuld

LEEUWARDEN/HARLINGEN – De Leeuwarder rechtbank heeft de 54-jarige schipper van de klipper Amicitia vrijdag vrijgesproken van dood door schuld. Het feit dat de schipper zich onvoldoende heeft laten informeren over de staat en het onderhoud van de voorste mast van het schip, maakt volgens de rechtbank niet dat de man ook kan worden veroordeeld voor dood door schuld.

Het Openbaar Ministerie (OM) eiste twee weken geleden een werkstraf van 200 uur en een voorwaardelijk celstraf van drie maanden. Het OM verweet de schipper dat hij het onderhoud aan de mast niet door deskundige personen heeft laten verrichten en dat hij niet op de hoogte was van ‘de werkelijke staat van de mast’. Het stuk mast achter de gaffelplaat was verrot, doordat er water in een windscheur achter de plaat was gelopen.

 

Op 21 augustus 2016 brak de mast af, op ongeveer zeven meter van de top, terwijl het schip in de haven van Harlingen lag. De mast viel op passagiers die op het voordek zaten, drie Duitsers die bij een gezelschap hoorden dat een vakantietocht van een week met het schip had gemaakt. De slachtoffers, 19, 43 en 48 jaar oud, overleden ter plaatse.

 

Tijdens de behandeling van de zaak werd namens de vader van de 19-jarige een slachtofferverklaring afgelegd. Hij verloor zijn zoon, zijn broer en een vriend. Hij bepleitte een strenge straf voor de schipper en hij verzocht de rechtbank om ervoor te zorgen dat de schipper nooit weer passagiers op een schip mag vervoeren. De rechtbank kwam tot de conclusie dat de schipper verweten kan worden dat hij zich onvoldoende heeft laten informeren over de staat en het onderhoud van de mast en dat hij onvoldoende toezicht heeft gehouden op reparatiewerkzaamheden.

 

De rechtbank concludeert echter ook dat dat die vaststelling onvoldoende is om de schipper te veroordelen voor dood door schuld. Een jaar voor het fatale ongeval lag het schip op de werf en werd de mast geschuurd, gerepareerd en opnieuw gelakt. Bij de onderhoudswerkzaamheden werden onder de gaffelplaat een paar donkere plekken geconstateerd. De rechtbank stelt dat als de schipper zich meer had laten informeren over de staat van de mast en als hij meer toezicht had gehouden, dat waarschijnlijk niet had gemaakt dat de aantasting van het hout achter de gaffelplaat tijdig was ontdekt.

 

De rechtbank beseft dat de uitspraak teleurstellend zal zijn voor de nabestaanden. “Maar de ernst van de gevolgen mag niet meespelen bij de justitiële beoordeling van de schuldvraag”, aldus de rechtbank.

|Doorsturen