Nieuws

Rustige Kuiper Brandaris Race

De voorspellingen voor de 25e Kuiper Brandaris Race waren qua weer plezierig, maar de wind kon weleens verstek laten gaan. Paul Scheffer zeilde mee aan boord van de Larus en doet verslag.

Door Paul H.M. Scheffer

Drukte bij de start. (Foto: HC - Joachim de Ruijter)

Zaterdagmorgen maken Herman Brandsma en Ingrid van der Pol zich op voor het Palaver. Dan komen alle schippers bijeen in ’t Noorderke, wordt de route doorgesproken en worden andere instructies meegegeven. De lage windverwachting deed de schippers van de zeeschepen vrezen dat hun geplande late starttijd zou kunnen betekenen dat ze niet voor sluitingstijd de finish zullen bereiken. De organisatie heeft daarop besloten hen tegelijk met de allereerste start op pad te laten gaan. Inmiddels verbetert de windverwachting naar 3 à 4 Bft en ruimt naar ZW. Dus wordt de start op 11 uur gesteld, vóór de wind bij boei 44 in vaargeul Boontjes.

De meeste schippers zeilen de race al jaren en voor hen zijn de mededelingen en de route vast pandoer. Het valt overigens op dat het aantal vrouwen aanwezig bij het palaver gestaag groeit.

 

Vuile wind

Om half tien klim ik aan boord van de Larus, een tjalk uit 1893. Schipper Tom Hamer heet de 21 gasten welkom aan boord. Eigenlijk voor  de tweede keer; de gasten zijn gisteravond al aan boord gekomen en hebben toen de race doorgesproken. Tom meldt dat de start is verschoven naar 11 uur en dat de wind is gedraaid; het besproken scenario ‘recht vóór de wind varen’ wordt toch anders. Er zal wel degelijk gekruist moeten worden en scheepsmaat Jesse geeft uitleg over het kruisen en verdeelt de taken. Dit alles in Nederlands en Duits want die mix kent de bemanning die uit koppeltjes en groepjes bestaat die elkaar nog niet kenden. Intussen verlaten de eerste schepen in optocht de Zuiderhaven; wij gaan bij de volgende brugopening los.

 

Als we met alle schepen op zeil voor de start liggen, houdt schipper Tom de Larus hoog aan de wind en blijft langer in het achterveld hangen. Ik onderdruk de neiging om hem te vragen wanneer we nou ’ns een keer gaan starten. Zijn lange ervaring heeft Tom geleerd dat de Larus erg gevoelig is voor ‘vuile wind’. Daar is sprake van als er veel schepen in de buurt liggen en dan niet alleen de wind uit de zeilen nemen, maar het hele windpatroon in de omtrek verstoren. Tom is dus blij dat de grote jongens ruim vóór ons starten.

 

Biceps

Even vóór half twaalf lopen wij als één van de laatsten door de start en wordt op het startschip die tijd voor ons vastgelegd. We varen ruim 20 minuten ontspannen met de wind op 10 uur tot we aan het eind van het Hanerak en het begin van de Blauwe Slenk kruisend onze weg vervolgen. Na een paar maal overstag gegaan te zijn heeft de bemanning het helemaal door en gaat het soepel. Het grootzeil gooit de schipper om, maar fok en kluiver vragen veel handen aan de touwen. Na telkenmale zwaard neer, zwaard omhoog slaat de vermoeidheid in de biceps en is een derde man/vrouw op het achterdek nodig.

 

Tom geeft met luide stem de bevelen naar het voordek; aan spanning en volume beluister ik of het gaat zoals bedoeld. Omdat we ons langzamerhand toch in het drukke veld bevinden volgen wendingen soms kort op elkaar: tactisch overstag noemt Tom dat.

MEER IN DE PAPIEREN HC VAN VRIJDAG 26 OKTOBER. 

|Doorsturen